Psychiatrisch patiëntenrecht (BOPZ)

Het psychiatrisch patiëntenrecht valt onder de Wet Bopz (Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen). De Wet Bopz geldt voor de gedwongen opname en behandelingen in de psychiatrie, de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking en de psychogeriatrie (ouderenzorg voor mensen met dementie). De wet kent twee vormen van gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis, namelijk een inbewaringstelling en een rechterlijke machtiging. Een inbewaringstelling is een spoedprocedure, waarbij de rechter op last van de burgemeester binnen drie werkdagen na de gedwongen opname beslist of aan de voorwaarden voor een inbewaringstelling is voldaan en of deze al dan niet met drie weken dient te worden verlengd. Een rechterlijke machtiging is geen spoedprocedure, waarbij de rechter vooraf beslist of u moet worden opgenomen in een organisatie voor geestelijke gezondheidszorg. Er bestaan verschillende soorten rechterlijke machtigingen, zoals de voorlopige machtiging, machtiging tot voortgezet verblijf, machtiging op eigen verzoek en een voorwaardelijke machtiging.

Al met al is dit een rechtsgebied waarbij cliënten extra aandacht verdienen gelet op het feit dat een gedwongen opname een heftig moment in het leven van de cliënten is. De werkzaamheden binnen het psychiatrisch patiëntenrecht bestaan onder meer uit piketbezoek bij inbewaringstelling, het bijstaan van de cliënt tijdens de zittingen die zien op de verlening inbewaringstelling, voorlopige machtiging, voorwaardelijke machtiging en de voorbereidingen van deze zittingen alsmede het indienen van bezwaar tegen bijvoorbeeld dwangmedicatie of tegen een afwijzing van een verzoek tot tussentijds ontslag.

Mr. van Meeteren en mr. Schmidt zijn gespecialiseerd in de zogenoemde BOPZ-zaken.

Jurgen Schmidt
Elisabeth van Meeteren